Enkele Amerikaanse kernbegrippen verklaard...

Stemrecht

In de Verenigde Staten is er geen stemplicht, maar stemrecht. Stemgerechtigden die aan de verkiezing willen deelnemen, moeten zich vooraf wel laten registreren. Voorver kiezingen: Proces waarin de genomineerden van de politieke partijen worden verkozen, bestaande uit drie fases : de onzichtbare voorverkiezingen, de aanduiding van de Party Delegates en de nominatie van de kandidaten. In de selectie van de presidentskandidaten staan de 'pimaries' en de 'caucuses' centraal.

Caucus

(Meestal openbare) partijbijeenkomsten van partijgeregistreerde kiezers volgens een 'trappensysteem' - van lokaal en County, naar afgevaardigde voor de staatsconventie om tenslotte verkozen te worden voor de nationale conventie – waar de kiezers zich kunnen aansluiten bij hun kandidaten. Vooral de caucus in Iowa is één van de belangrijkste.

Primary

'Gewone verkiezingen' in een stemhokje in verschillende aparte staten, waarbij de stem voor de presidentskandidaat geheim blijft, sinds 1972 de belangrijkste vorm voor de selectie van genomineerden. De partijen beslissen zelf of er voorverkiezingen plaatsvinden.

Super Tuesday

Traditioneel behelsde het primaryseason de periode van februari tot juni van het verkiezingsjaar, met als start een caucus in Iowa en een primary in New Hampshire, gevolgd door een reeks primaries in verschillende staten. Het hoogtepunt valt op Super Tuesday (tweede dinsdag van maart). Dan is er een primary in een groot aantal zuidelijke staten (grotere aandacht in de campagne). Als afsluiter eindigt het primary-seizoen in de staat California, die nog flink kan doorwegen in het nominatieproces.

Running Mate

De keuze voor een kandidaatvicepresident die campagne helpt voeren en stemmen aanlevert (vaak uit een andere doelgroep) voor de presidentskandidaat. Obama koos Joseph Biden, buitenlandspecialist en senator voor de staat Delaware, als running mate. Haalt McCain het, dan wordt Sarah Palin, gouverneur van Alaska, de volgende vicepresident van de VS.

Swing State

Ook wel battleground state genoemd, een term die gebruikt wordt voor staten van de VS waar de presidentsverkiezingen het hevigst bevochten worden. Presidentskandidaten moeten staten afzonderlijk winnen; vervolgens mag die staat dan kiesmannen afvaardigen (naargelang het aantal inwoners), die de president kiezen. Het bekendste voorbeeld is de staat Florida in 2000, waar George W. Bush meer stemmen had dan Al Gore en daardoor de verkiezingen won, ook al had Gore in totaal meer stemmen.

Kiesmannen

De burgers die namens hun staat in het kiescollege een stem uitbrengen voor president en vicepresident. Er zijn er 538, namelijk het aantal Afgevaardigden in het Huis (435), plus het aantal senatoren (100), alsook de drie kiesmannen voor het District of Columbia, de hoofdstad Washington DC, die bij geen enkele staat hoort. Meer toelichting op de volgende bladzijden!

Ponskaarten

Computerkaarten die gebruikt worden om informatie op te slaan in een vorm die machinaal kan gelezen worden. In Amerika worden deze kaarten nog steeds gebruikt voor het uitbrengen van stemmen. Dit systeem bleek echter niet waterdicht in de staat Florida. De kiezer moest zelf de juiste 'chad' (vierkantje in kaart op een ponsplaat met voorgeperforeerde randjes, dat door een prikje van de stemmer helemaal losgaat – of soms niet helemaal, zoals toen bleek). De enige oplossing bleek manuele hertelling. Het leidde tot één van de meest controversiële verkiezingen ooit. Na een zware procedureslag besliste het Hooggerechtshof dat George W. Bush in Florida won met slechts 537 stemmen voorsprong op zijn uitdager Al Gore.

Exit Polls

Interviews met kiezers vlak nadat ze hun stem uitgebracht hebben. De media maken hier dankbaar gebruik van om te peilen naar de tendensen alvorens de resultaten officieel meegedeeld worden.

Mieke Van Aerde

Mogelijk bent u ook geïnteresseerd in volgende artikels: