Vooraf

Gemeenten laten ademen

Dirk Van Mechelen

De voorbije jaren werden door zowel de federale als de Vlaamse regering tal van maatregelen genomen die de belastingdruk in ons land en gewest verlaagden. Helaas moeten we vaststellen dat een aantal mensen slechts gedeeltelijk de weerslag van al die belastingverlagingen voelde in hun portemonnee. De reden daarvoor is veelal figuurlijk en letterlijk niet ver te zoeken, namelijk op het lokale niveau.

Heel wat gemeenten compenseerden de federale en Vlaamse lastenverlagingen immers door hun lokale tarieven stevig te verhogen. Waardoor het gemeentelijk niveau nam wat het Vlaamse en federale gaf aan de mensen. En als reden voor deze lastenverhogingen, die vele burgers als een broekzak-vestzakoperatie aanvoelden, werd telkens met een verwijtende vinger gewezen naar de bovenlokale bestuursniveaus. Die vicieuze cirkel moet doorbroken worden.

Mijn voorstel om een deel van de schuldenlast van de gemeenten af te bouwen via de Vlaamse overheid kadert daar volledig in.

Vooraleer daar dieper op in te gaan, moet ik eerst wel een misverstand uit de wereld helpen. Want de 612 miljoen euro kasgelden die vrijgekomen zijn, kunnen niet aangewend worden als extra beleidsmarge binnen gelijk welk beleidsdomein. Omdat Europese regels inzake overheidsboekhouding nu eenmaal stellen dat dit geld enkel kan gebruikt worden binnen budgettaire neutrale operaties.

Dus ofwel belegt de Vlaamse overheid dit geld, ofwel gebruiken we de 612 miljoen euro voor schuldafbouw. Ik kies duidelijk voor die laatste piste. Het kan niet de bedoeling zijn om met het belastinggeld van de burgers een spaarboekje voor de Vlaamse overheid aan te leggen.

Schuldafbouw dus, maar niet op Vlaams niveau. En dit om de heel eenvoudige reden dat door een jarenlang volgehouden rigoureus begrotingsbeleid, Vlaanderen in de loop van 2008 schuldenvrij wordt. Schuldafbouw op gemeentelijk niveau dus.

Binnen de Vlaamse regering is daar - ondanks de eerste terughoudende reacties - een ruime consensus over gegroeid. Binnenkort betaalt de Vlaamse overheid dus effectief 100 euro gemeentelijke schuld per inwoner vervroegd af.

Wat daarbij vooral van belang is, is dat de gemeenten door deze operatie ook jaarlijks minder rentelasten moeten betalen. En dat geeft de gemeenten dan weer flink wat reccurente financiële ademruimte. Ademruimte die vooral moet vermijden dat diezelfde gemeenten nogmaals hun lokale belastingtarieven verhogen en de burger nogmaals het gelag mag betalen.

Maar de discussie rond het geven van extra ademruimte aan de gemeenten - in casu aan de bevolking - gaat verder dan enkel de 100 euro schuldafbouw. In de schoot van de Vlaamse regering wordt verdergewerkt aan het zogenaamde 'fiscaal pact met de gemeenten'. Een pact dat er op gericht is belastingverhogingen op lokaal niveau te vermijden. Hierbij krijgen de gemeenten de daardoor potentieel gederfde inkomsten gecompenseerd van de Vlaamse overheid.

Zo werd midden dit jaar reeds een compensatie voor de Eliaheffing uitgewerkt. Deze belasting op het gebruik van het energienetwerk kost zowel de gezinnen als bedrijven flink wat geld. De 83 miljoen Elia-compensatie laat alvast toe om vanaf 2008 de heffing meer dan te halveren. Daarenboven is binnen het fiscaal pact een groeipad afgesproken waarbij het Eliafonds in 2009 maar liefst 124 miljoen euro zal tellen. Geld dat na de afschaffing van deze heffing in 2010 ter beschikking zal blijven van de gemeenten.

Tot slot, maar zeker niet minder belangrijk, werd op mijn voorstel ook de vrijstelling van onroerende voorheffing op materieel en outtilage in het fiscaal pact opgenomen. Deze vooral gemeentelijke belasting op toestellen, machines en andere installaties in nijverheids-, handels- of ambachtelijke bedrijven, verdwijnt. Als aanmoediging voor de modernisering van het productieapparaat, energievriendelijke productiewijzen en als stimulans om te investeren in werkgelegenheid.

Om de inkomsten te compenseren die de gemeenten daarbij mislopen, voorzien we volgend jaar al 15 miljoen euro. Vanaf dan groeit dit aan met 15 miljoen euro per jaar.

Zo krijgen zowel onze burgers als bedrijven de nodige ademruimte, zonder dat de gemeenten daar één euro aan mislopen. Een win-win-situatie voor iedereen dus!

Dirk van Mechelen

Mogelijk bent u ook geïnteresseerd in volgende artikels: