Vooraf

Guy

Dirk Van Mechelen

Vlaanderen anno 2007. De werkloosheid daalde in april met bijna twintig procent tegenover vorig jaar. De economische groei is prima. Nieuwe bedrijven investeren in onze regio. Vooral in de logistiek plukken we de vruchten van een jarenlang investeringsbeleid in onder meer onze havens.

Maar de donderwolken blijven hangen rond de Antwerpse Opel-vestiging. Zijn al die inspanningen van de voorbije jaren dan voor niets geweest? Onder impuls van Eddy Geysen slaagden we er toen in om de nieuwe Astra in eigen huis te houden. Zowel met de Vlaamse regering als met de federale regering deden we meer dan een duit in het spreekwoordelijk zakje. Het was ook de aanzet van een beleid tot nog meer lastenverlagingen om onze industriële activiteit – ontzettend belangrijk in onze Antwerpse provincie – aantrekkelijk te houden voor investeerders en aandeelhouders.

Met het Generatiepact gaven we ook aan dat we ons nog combatiever willen opstellen om te kunnen meedraaien in een geglobaliseerde economie. Harder en langer werken is de ogenschijnlijk minder populaire boodschap. Maar dit kan enkel wanneer werken ook daadwerkelijk wordt beloond. Ook daarvoor werden de voorbije jaren tal van fiscale maatregelen getroffen die u geleidelijk aan in de portefeuille voelt en zal voelen.

Misschien hadden we deze grote budgettaire inspanningen beter opgespaard en in één keer, onder de vorm van een cheque, doorgestort aan de burger. Het had misschien zelfs een blinde doen zien.

De les uit het wedervaren van Ford en Opel is dat we nog verder de ingeslagen weg moeten volgen. Niet minder, maar meer liberalisme is nodig om de recepten aan te reiken om ons land, onze regio binnen de Europese top te manoeuvreren. We zullen daarom ook de lasten op arbeid drastisch moeten doen dalen. Dit kan door ze voor een stuk te verschuiven, maar er is meer nodig. Een batterij van krachtige en op elkaar afgestemde beleidsdaden, en dit alles binnen een nog steeds zeer broos, maar wel geslaagd begrotingsbeleid. En ook de weerstand tegen de privatisering van overheidsdiensten ebt gelukkig weg. Een vrije en erg concurrentiële markt geeft een enorme dynamiek aan de markt. Niemand heeft vandaag nog heimwee naar de oude RTT, toen je best een politicus kende om binnen de drie weken te kunnen beschikken over een telefoonaansluiting.

Ook de volgende jaren zullen we ons meer dan ooit moeten bezinnen over wat nog een overheidstaak is en wat we beter overlaten aan de markt. De kost van het overheidsapparaat zal de volgende legislatuur drastisch moeten dalen en met nog meer administratieve vereenvoudigingen – Kafka-maatregelen – willen we burgers en bedrijven een meer efficiënte en goedkopere dienstverlening aanbieden.

België is niet langer het zieke broertje in Europa. We staan terug op de kaart dankzij Guy, Karel, Patrick, Vincent en de hele ploeg. Het systeem van de 'notionele' interesten lokt Amerikaanse investeerders terug naar ons land. De beloofde 200.000 jobs bleken geen ijdele droom, maar een keiharde waarheid. De begroting is in evenwicht en boekt voor het eerst sinds bijna drie decennia een overschot. De fiscale en administratieve lasten daalden voor burgers en bedrijven. De politiehervorming voel en zie je op de straat.

Maar het werk is niet af. Grenzen moeten worden verkend en vooral verlegd. Hiervoor hebben we een visionair, enthousiasmerend en vooral stimulerend leiderschap nodig dat gelooft in de eigen kracht van de mensen, in het vermogen van onze ondernemers en hun bedrijven om meer welvaart en daardoor ook meer welzijn te creëren. Kortom we hebben nood aan een politieke futuroloog, aan meer Verhofstadt. Aan de man die ons land succesvol de eenentwintigste eeuw binnen loodste en meer dan wie ook met zijn ijzeren wil en zijn ontembaar optimisme garant staat voor een open samenleving waarin wij en onze kinderen zich oprecht thuisvoelen.

Dirk Van Mechelen

Mogelijk bent u ook geïnteresseerd in volgende artikels: