'Groot' sporttalent (2m04) uit Wuustwezel speelt bij Belgische baskettopper Telindus Oostende

Jef Van Der Jonckheyd, In de ban van de (basket)ring

Jef Van Der Jonckheyd

Op een zonnige herfstzondag trok Wijzers naar Wuustwezel voor een babbel met één van zijn ‘grootste’ inwoners. Groot qua naam, groot qua talent, maar vooral groot qua lengte: met zijn 2m04 gaat Jef Van der Jonckheyd, de jonge basketbalbelofte van topclub Telindus Oostende, de concurrentie aan met de plaatselijke kerktoren, waaronder wij hem in brasserie ’t Dorp mochten ontmoeten.

Vijf jaar geleden mocht je uit handen van triatleet Marc Herremans de gemeentelijke trofee voor sportbelofte ontvangen. Sindsdien is alles in een stroomversnelling geraakt voor jou.

JEF VAN DER JONCKHEYD (JVDJ): “Het gaat snel, maar soms ook nog iets te traag naar mijn zin. Ik ben nu 23 jaar. Sommige spelers ontplooien zich al op 18-, 19-jarige leeftijd, andere pas op hun 25ste. Dat ik al 20 was bij het begin van mijn profcarrière, is te wijten aan mijn studies. Ik heb eerst nog drie jaar informatica-handel-burotica gestudeerd, waarvan één jaar in Torhout en de twee overige in Mechelen.”

Mogen we stellen dat je een geboren en getogen Wuustwezelenaar bent?

Jef Van Der JonckheydJVDJ: "Dat kan je inderdaad stellen. Nu ja, ik ben feitelijk geboren in Brasschaat, omdat er in Wuustwezel geen kliniek was (lacht). Maar voor de rest ben ik een Wuustwezelnaar in hart en nieren. Het is ook bij BBC Wuustwezel dat ik mijn eerste stappen in de basketwereld heb gezet. Basket leeft hier nog echt. Ik heb nog een tijdje bij de duiveltjes van Loenhout gevoetbald, maar op 7- jarige leeftijd ben ik via vrienden – en uiteraard omdat ik toen al bij de grootsten van de klas was – gaan basketten. Op mijn 16de speelde ik al met de eerste ploeg mee."

En vanaf toen is het allemaal echt begonnen.

JVDJ: “Zo is dat. Toen ik bij Wuustwezel speelde, was Racing Basket Antwerpen komen scouten. Zo ben ik dan ook mijn eerste jaar bij Antwerpen gaan spelen, onder de sportieve leiding van Eddy Casteels en Luc Smout (de huidige assistant-coach bij Pepinster). En dan zijn we, zoals velen uit het wereldje zich nog zullen herinneren, met heel de ploeg naar Ieper getrokken. Lernout & Hauspie was toen onze hoofdsponsor. Wat later, zoals iedereen wel weet, een groot fiasco is gebleken. Voor mij had dit gelukkig geen grote gevolgen, omdat ik het statuut van semi-prof genoot. Al bij al was dat eerste seizoen in Ieper een goed jaar. We bereikten onder andere de halve finales van de Europese Korac-beker. Ik heb daar zelfs drie volle minuten van mogen meegenieten. Na het seizoen 2001-2002 werd ik tot ‘Rookie of the Year’ verkozen, de trofee voor de beste jonge nieuwkomer.”

Ondertussen speel je al je derde seizoen bij Oostende. Bevalt het je daar aan de kust?

JVDJ: “Qua sfeer en club heb ik het daar zeker naar mijn zin. Het enige wat me een beetje stoort, is de weinige spelgelegenheid die ik krijg. Het probleem is dat ik voor de vleugelpositie moet concurreren met drie grote namen: Veselin Petrovic, een uitmuntend spelende Serviër, Denis Wucherer, een Duitser die de finale van het EK nog meegespeeld heeft, en Lavor Postell, een Amerikaan en voormalig speler van de New York Knicks. Geen klein bier dus. Normaal gezien roteren we met 4 man voor twee posities. Hierdoor zou ik toch voldoende speelkans moeten krijgen. En dit gebeurt soms iets te weinig naar mijn zin. Daarom ga ik toch nog eens even goed rondkijken alvorens ik voor volgend seizoen bijteken. Ik ben beginnen basketten om op een veld te staan, niet om vanaf de zijlijn toe te kijken.”

Belgian Lions

Je vernoemt zonet drie buitenlanders. Is het basketwereldje in België zo ingenomen door jongens van buitenaf?

JVDJ: “Er is tegenwoordig een enorme toevloed uit de Balkanlanden. Vijf jaar geleden deed het gerucht al de ronde. ‘Ze gaan komen’, zeiden ze. En effectief: ze zijn in groten getale gekomen. Gelukkig voor ons heeft de bond de regel ingevoerd dat er bij elke topploeg minstens vier Belgen deel moeten uitmaken van het twaalfkoppige team. Pas op, voor mij zijn die buitenlanders welkom. Die jongens uit de Balkan zijn natuurlijk blij dat ze ginds kunnen vluchten. Basket is voor hen een uitweg uit hun miserabele situatie. Het probleem zit hem vaak bij de ‘agents’, die de Serviërs een streepje voor geven.”

Je speelt nu bij een Belgische topclub. Hoe ver reikt jouw persoonlijke ambitie nog?

Jef Van Der Jonckheyd en vriendin LiesbetJVDJ: “Zoals ik al zei, wil ik eerst eens goed rondkijken, en dan pas beslissen over volgend seizoen. Ik zou natuurlijk heel graag op het hoogste niveau blijven spelen. Maar dan wel met wedstrijden waarin ik minstens 15 à 20 minuten kan meespelen. Ik denk dat ik al voldoende bewezen heb dat ik het hoogste niveau aankan. Met de Belgian Lions hebben we het vierlandentornooi gewonnen, en we verloren maar nipt tegen Israël voor de kwalificatie van het EK. Uit deze matchen blijkt toch wel dat de Belgische competitie zich niet hoeft te schamen op internationaal niveau. En ik zou liegen als ik zeg, dat ik niet graag eens bij een buitenlandse club zou willen spelen.”

Hoe moeten we ons eigenlijk een week uit het leven van Jef Van der Jonckheyd voorstellen?

JVDJ: “Als we Europees spelen, dan zijn het bijzonder zware weken. Vooral omdat je dan steeds met een midweekwedstrijd zit, én de bijbehorende verplaatsing. Dit maakt dat je maar één dag hebt om de Belgische competitiematch voor te bereiden. Dit seizoen speelt Oostende niet Europees.We hebben dus een volledige trainingsweek van vijf dagen.

Op woensdag en vrijdag trainen we van 12u tot 14u. De andere dagen van de week gaan we ’s morgens fitnessen en is er nog een avondtraining voorzien van 18u tot 20u. En tussendoor zijn er verschillende manieren om de tijd te vullen. Een uitstapje naar Gent of Antwerpen, wat quality time met mijn vriendin Liesbet, PlayStation, of internet om wat kleren op te zoeken. Want dat laatste is niet zo evident voor iemand van mijn gestalte.”

Mieke Van Aerde
Tom Van Caelenberge

Marc Herremans (triatleet en dorpsgenoot):

"Jef wordt een hele grote"

Marc HerremansTriatleet Marc Herremans is een goede vriend van Jef Van Der Jonckheyd. “Net als Jef kom ik uit Wuustwezel. Na m’n ongeval zijn we met elkaar in contact gekomen en sindsdien volg ik zijn prestaties op de voet. Jammer genoeg lukt dat wat moeilijker nu hij bij Oostende aan de slag is dan toen hij nog in Antwerpen speelde.”

Die stap hogerop kwam voor Herremans niet als een verrassing. “Jef is jong, heeft zijn lichaamsbouw mee en heeft een enorm potentieel. Hij wordt zeker een hele grote. Het Belgisch basketbal gaat nog veel plezier aan hem beleven.”

Sympathieke kerel

Ook buiten de lijnen is Jef goud waard. “Een voorbeeld van hoe een mens in elkaar zou moeten zitten,” zegt Herremans. “Jef is een topsporter die elke week grootse prestaties levert, maar toch zal je hem nooit op grootspraak betrappen. Hij blijft wie hij is: een gezonde jongen van de boerenbuiten. Een heel sympathieke kerel.”

Dat Wuustwezel enkele topsporters onder zijn inwoners heeft is volgens Marc Herremans toeval. “Aan het sportbeleid van de gemeente zal het niet liggen, want dat is een flop. Edwig Van Hooydonck probeert hier wel verandering in te brengen, maar blijkbaar is het college niet geïnteresseerd. Men doet niets voor de jeugd, en voor de individuele sporttakken al helemaal niet. Als er een prijs uit te delen is, staat de burgemeester wel op de eerste rij, maar wanneer het écht nodig is, bij de basisvorming, zie je hier niemand.”

Michiel Loncke