December 2009

Inhoud
- Vooraf: Een vat vol uitdagingen
- Luc Coene, vice-gouverneur van de Nationale Bank
- Tuin: De introductie van cortenstaal
- Familiebedrijf Ivens levert wereldwijd
- Streekwijzer Wuustwezel
- In de kijker
- Het Dossier D: Dementie
- Christine Van Broeckhoven: 'leef nu, niet later'
- Vandaag lijden 163.000 Belgen aan dementie
- Leerkracht dementie Johan Van Oers
- Dementiecafes in Vlaanderen
- Ook Guido De Padt brengt dementie onder de aandacht
- Kooktip: Ossobucco alla Milanese
- Kirsten Nuyes, toptalent in wording
- Wegwijzer
- De trein der traagheid: voetbalstadions
- Hete communautaire hangijzers
- Puzzel
Vorige nummers
Lees ook de vorige nummers.
Dossier: PPS maakt ook in Vlaanderen opgang als wonderformule bij grootschalige projecten
Publiek-Private Samenwerking: 'Meer doen met minder geld'
Publiek-Private Samenwerking, of kortweg PPS: zo luidt de hedendaagse wonderformule voor de realisatie van grootschalige (bouw)projecten. Overheid en privé-investeerders delen hun enthousiasme. Maar wat zijn nu juist de mogelijkheden van PPS? Welke kracht schuilt er in het magische drieletterwoord? Wijzers had een gesprek met Clair Ysebaert, voorzitter van de Participatiemaatschappij Vlaanderen (PMV), dat de voorbije jaren een zekere expertise heeft uitgebouwd op het vlak van Publiek-Private Samenwerking.
PPS is 'hot' en trendy. Meer en meer instanties doen een beroep op deze hippe financieringsconstructie. Wat houdt zo'n samenwerking precies in?
CLAIR YSEBAERT: "Men kan een flinke boom opzetten over PPS, maar meer in het algemeen durf ik stellen dat de overheid naar het magische toverwoord 'PPS' grijpt, telkens als een duur project opdoemt. Indien belangrijke infrastructuurwerken gerealiseerd kunnen worden met een verminderde druk op de begroting, dan lijkt PPS inderdaad wel de gedroomde toverstok: het laat toe om tegelijk aantrekkelijke projecten te realiseren, én toch de budgettaire normen te behalen.
Maar dit is maar één facet van PPS. Doelmatigheid en efficiëntie is eigenlijk de hoofdbetrachting van PPS. Daar waar de overheid vroeger alleen de dominante rol vervulde in de voorziening van infrastructuur maar niet altijd de meest efficiënte uitvoerder bleek te zijn, wordt nu vaker de vraag gesteld of men via PPS tot een win-win situatie kan komen. Meer doen dus met minder geld. Of met dezelfde middelen meer en sneller de doelstellingen bereiken. Op basis van kennis, kunde en ondernemerschap, daar waar die het meest voorhanden is. Met andere woorden: PPS laat de overheid toe om op een meer rationele manier om te gaan met haar centen. Overigens past dit wonderwel in de algemene filosofie van ParticipatieMaatschappij Vlaanderen die erop neerkomt dat de overheid beter mee investeert, dan dat ze gewoon subsidies geeft. Als de overheid inderdaad mee risico neemt, mag ze ook een return eisen."
Welke vuistregels moeten hierbij worden gehanteerd?
CLAIR YSEBAERT: "Vooreerst moet je het partnership van bij de start laten lopen. De meerwaarde is uitgerekend de directe interactie tussen privé en overheid, dus moet je ook de hele planning samen doen. Voorts moet je duidelijk de verantwoordelijkheden bepalen: wie draagt welke risico's? Dat is niet altijd even simpel. Niet alles kan contractueel vastgelegd worden."
"Wat belangrijker is, is dat contracten worden aangevuld met een gemeenschappelijk belang en onderling vertrouwen. Waar het bij PPS écht om gaat, is dat er duidelijke afspraken zijn. Mét een gemeenschappelijke doelstelling en een risicoverdeling. Ik stel altijd dat de praktische definitie van PPS erop neerkomt, dat geen van de betrokken partijen zich bedrogen voelt."
Hoe is die snelle opgang van PPS feitelijk te verklaren?
CLAIR YSEBAERT: "Wel, er zijn een drietal tendenzen die de opkomst van PPS de jongste jaren in de hand hebben gewerkt. Ten eerste zijn er de budgettaire beperkingen. Geconfronteerd met de toenemende druk voor meer en betere infrastructuur, worden vele overheden ertoe aangezet een beroep te doen op de private sector. Ten tweede is er het huidige kerntakendebat. Welke taken moet de overheid nog zelf uitvoeren? Welke kunnen worden toevertrouwd aan de private sector? Hier zie je toch duidelijk dat de privé een grotere verantwoordelijkheid krijgt toebedeeld. En 'last but not least' is er het streven naar een zo efficiënt mogelijke, economisch verantwoorde aanpak. Openbare infrastructuur krijgt meer en meer een commerciële waarde. Dat maakt het inschakelen van privé-investeerders meteen een pak aantrekkelijker.
Al deze tendenzen hebben geleid tot een groot aantal varianten van publiek-private samenwerking. Sommige daarvan zijn zeker niet nieuw. In de 17de eeuw bestond er al een soort concessiemodel in onze contreien. PPS is echter in een stroomversnelling gekomen met de lancering van het 'private finance initiative' in het Verenigd Koninkrijk. Daar gebeurt momenteel ongeveer 11 procent van de infrastructuuruitgaven via PPS-contracten. Tot eind 2003 werd al bijna 40 miljard Britse pond geïnvesteerd via zulke overeenkomsten. De belangrijkste domeinen zijn onderwijs en gezondheidszorg, maar ook op het vlak van gevangenissen, sociale huisvesting en stadsontwikkeling is er uitgebreide ervaring aanwezig. Vandaag wordt PPS door het Verenigd Koninkrijk zelfs gepromoot als exportproduct!"
Hoe populair is PPS vandaag bij ons?
CLAIR YSEBAERT: "In Vlaanderen staan we nog niet zo ver als de Britten, maar dat neemt niet weg dat er al aanzienlijk wat initiatieven zijn genomen. Ook beleidsmatig is er al heel wat werk gedaan. De Vlaamse regering heeft de voorbije jaren een wettelijk kader gecreëerd om PPS te bevorderen. De Participatiemaatschappij Vlaanderen (PMV) vervult hierbij een sleutelrol. Doordat de PMV als investeringsmaatschappij op de wip zit tussen de privé-sector en de overheid, kan ze een brug slaan en de spil worden in PSS-projecten. Voor de privé-partners in het project is de aanwezigheid van PMV een waarborg dat de bedrijfseconomische regels worden gerespecteerd. Voor de overheid is het een waarborg dat ook over haar belangen wordt gewaakt. In dat opzicht is PMV dus eigenlijk het cement voor de samenwerking tussen overheid en privé-sector. De PMV wil bereiken dat alle partners zich comfortabel voelen en de onderlinge achterdocht verdwijnt."
Hoe wordt PPS concreet toegepast in Vlaanderen?
CLAIR YSEBAERT: "Er is vandaag een breed veld van toepassingsmogelijkheden in Vlaanderen. De meest voor de hand liggende toepassingsgebieden van PPS zijn kapitaalintensieve investeringen, zoals grote infrastructuurwerken. Ik denk aan de luchthaven van Deurne, de Oosterweelverbinding of andere projecten in het kader van het Masterplan Antwerpen. Vandaag gaat ook bijzondere aandacht uit naar de modernisering van de schoolinfrastructuur, de uitbreiding van het aanbod aan sociale woningen, en de uitbreiding en vernieuwing van ziekenhuizen en de opvangstructuur voor ouderen. Op die vlakken is er een grote achterstand, en wordt in de toekomst een aanzienlijk toename van de behoeften verwacht. Juist daarom is het mijn overtuiging dat er een grote toekomst is weggelegd voor PPS-projecten.
Dat PMV stilaan de nodige knowhow in huis haalt op dat vlak, is zonder twijfel een grote troef. Dat wij hiervoor nog een pak leergeld zullen betalen, staat ook buiten kijf. We hebben nog een hele leercurve af te leggen. We kunnen niet zeggen dat we internationaal in de kopgroep zitten, maar we zitten toch vooraan in het peloton. Er staan meerdere projecten in de steigers. De PMV zal hierbij steeds een brugfunctie bekleden, en een redelijk evenwicht nastreven tussen financieel en maatschappelijk rendement."
Philippe Heyvaert / Tom Van Caelenberge
"Sporthalproject in Wommelgem was PPS-primeur voor België"
In november 1996 openden de licentiaten Lichamelijke Opvoeding Sonja Kimpen (bekend van het tv-programma 'Je bent wat je eet', Star Academy en haar boek ‘Een leven lang slank zonder dieet’) en haar levenspartner Marc De Jonck een nagelnieuwe sporthal en Fitness- en wellnesscentrum in Wommelgem. Zij kregen hierbij de nodige ondersteuning van het gemeentebestuur, dat mee in de financiële constructie stapte. Een uniek gegeven voor België, want nooit eerder hadden een privé-investeerder en een overheid hun krachten gebundeld voor de realisatie van zo'n grootschalig project.
"De financiering van de sporthal was destijds een primeur voor België. Wommelgem was de allereerste gemeente die een dergelijke PPS-constructie op het getouw heeft gezet", zegt een fiere burgemeester Walter Van Der Plaetsen.
"De idee voor een sporthal bestond al veel langer. De gemeente was echter op zoek naar een geschikte kandidaat-concessiehouder, die zelf volledig zou kunnen instaan voor de uitbating en het onderhoud van het complex. Toen Sonja en Marc hun plannen voor 'Synergie' uit de doeken deden, moesten we niet langer nadenken. Wat zij hier uit de grond hebben gestampt, is fenomenaal. Hun moderne dans- en fitnesscenter, met gezellige cafetaria, sauna e.d. is vandaag een trekpleister voor heel de regio. Tevens genieten zij naambekendheid over heel Vlaanderen, omdat hun USP uniek is: mensen coachen naar gezonde levensstijl via een holistische aanpak. Dit betekent dat mensen gecoacht worden op fysiek vlak, mental training en voedingsinzichten. Om deze reden komen mensen uit heel Vlaanderen in Wommelgem cursus volgen. Niet minder dan 1.600 mensen bezoeken maandelijks het sportcentrum. De modernste snufjes worden op de voet gevolgd. Zo kan je de fitnessruimte enkel betreden via handherkenning, en heel je programma wordt professioneel en computergestuurd begeleid. Het valt ook op met welke grote zorg ze omspringen met de infrastructuur. Na negen jaar lijkt de binneninrichting nog altijd zo goed als nieuw."
Recht van opstal
De totale investering voor het sportcomplex bedroeg destijds zo'n 82 miljoen oude Belgische frank, waarvan het gemeentebestuur 30 miljoen frank inbracht in de vorm van een achterstallige lening.
"In feite genieten de investeerders een 'recht van opstal' voor een periode van 30 jaar", verduidelijkt Michel Timmermans, gemeentesecretaris in Wommelgem. "Dit systeem laat hen toe eerst hun persoonlijke leningen terug te betalen. Op het einde van die periode, dus over pakweg 21 jaar, komt het gebouw in handen van de gemeente. Voor het inkomensverlies dat voortvloeit uit het gebruik van de sporthal, krijgen de uitbaters ongeveer 2,5 miljoen frank op jaarbasis. Dat is niet echt veel, maar de gemeente investeert hiernaast ook wel fors in de directe omgeving van de sporthal. Zo wordt het aantal parkeerplaatsen momenteel uitgebreid tot 350, is er een verregaande synergie met de omringende clubs, en lieten we een grote speeltuin aanleggen die constant voor alle kinderen toegankelijk blijft.
Het gemeentebestuur hecht erg veel belang aan groenaanleg in het algemeen. Vorig jaar nog won Wommelgem een provinciale prijs voor de kwalitatieve manier waarop de sporthal in haar omgeving werd ingeplant. Ook Test Aankoop deed een vergelijkende studie tussen verschillende locaties. De sporthal van Wommelgem haalde 94 procent en stak er met kop en schouders bovenuit."
Tom Van Caelenberge
Lamot: één van de best geslaagde PPS-constructies in Vlaanderen
Doordat de brouwerij Lamot niet meer rendabel was, besliste Interbrew in 1995 om de activiteiten stop te zetten. Daardoor kwam in Mechelen (andermaal) een zeer grote site leeg te staan en bleef deze buurt in het stadscentrum verweesd achter.
De stad plande een groot stedelijk congrescentrum en een erfgoedcentrum in het oude brouwgebouw. Maar deze investering van meer dan 12 miljoen euro was niet voldoende om de volledige site van ruim 10.000 m2 in te vullen. Daarom zocht het stadsbestuur, aangevoerd door burgemeester Bart Somers, naar private partners om de andere delen van het terrein een zinvolle bestemming te geven en de nodige investeringen los te weken. Onder andere Novotel, Match, Q-park en Bouwfirma Willemen sprongen op de kar en vormden samen met de stad de tijdelijke vereniging Lamot. Met gezamenlijke inbreng kon een plan worden opgesteld waarbij de verschillende functies op elkaar afgestemd zijn en zelfs versterkend werken. Bovendien kon ook de rekening van meer dan 30 miljoen euro sluitend gemaakt worden.
Globale aanpak
Dankzij deze werkwijze kan u op de Lamotsite naast het congres- en erfgoedcentrum ook een hotel, een warenhuis, meerdere kleine shops, een wellness-center, bureauruimten, 44 luxe-appartementen en een ondergrondse parking vinden. Deze globale aanpak betekende een sterke impuls voor Mechelen en daarvan zijn nu reeds de eerste tekenen zichtbaar. In de buurt van de Lamotsite worden langsheen de Dijle oude woningen verbouwd tot mooie lofts aan het water en de handelszaken draaien beter. De investering van de stad heeft niet alleen op de Lamotsite een bijkomende investering gegenereerd, ze weekte in de ganse buurt private projecten los die de leefbaarheid van Mechelen verhogen. In 2003 werd de stad Mechelen dan ook voor dit project bekroond met de 'Thuis in de Stad'-prijs, voor de reïntegratie van verloren buurten binnen de stad.
In september opent het Mechelse brouwhuis met de expo 'Dames met Klasse', een tentoonstelling over Margaretha Van Oostenrijk en Margaretha van York. Een uitgelezen kans om de Lamotsite zelf te gaan ontdekken!
Sabine Van Dooren
Agora-project: Kapellen krijgt fonkelnieuw centrumplein
Begin vorig jaar kon de gemeente Kapellen de voormalige GBsite in het hartje van de gemeente aankopen. Het terrein heeft een oppervlakte van meer dan 6.000m2 en omvat een verouderd supermarktgebouw en bijhorende parkings. Het oude gebouw zal kortelings gesloopt worden en 'open ruimte' scheppen in het centrum van Kapellen.
Na veel studiewerk werd inmiddels een samenwerkingsovereenkomst goedgekeurd waarbij een private partner (Wilma Project Development & Aannemingen Van Wellen) en de gemeente Kapellen een nieuwbouwproject gaan realiseren.
De private partner zal de eigendom van een voormalige bouwonderneming (site Valckenborgh) verwerven, gelegen achter de GB-site. In totaliteit wordt een oppervlakte van meer dan 9.000m2 bekomen, waarop een groot dorpsplein met aan de rand ervan twee nieuwbouwblokken worden gerealiseerd. Het betreft een aantal appartementen, op het gelijkvloers, commerciële ruimten en een kopgebouw met een nieuwe bibliotheek met leescafé, centraal gelegen met uitzicht op het nieuwe dorpsplein.
Betere dienstverlening
Het centrum van de gemeente Kapellen is gelegen langsheen een drukke gewestweg (Antwerpsesteenweg) en miste een centraal plein. Via de procedure van de Open Oproep van de Vlaamse Bouwmeester werd het bureau Lubbers uit Nederland aangesteld voor de realisatie van een kwalitatief ontwerp voor een mooi centrumplein.
De gemeente brengt een deel van haar eigendom (gronden) in, in het bouwproject van de tijdelijke handelsvennootschap 'Agora' en wordt eigenaar van een volledig afgewerkte, nieuwe bibliotheek en een leescafé. Architecten Poponcini & Lootens hebben in samenwerking met het architectenbureau Hugo Van Hoecke een fraai ontwerp uitgetekend.
Het centrum van Kapellen zal er binnen enkele jaren totaal anders uitzien. Een groen centrumplein, waar het aangenaam vertoeven is, met alle ruimte voor de organisatie van tal van evenementen en omringd door een hedendaags bouwwerk. Met een nieuwe, centraal gelegen, volledig uitgeruste bibliotheek wordt de dienstverlening voor de Kapellenaar geoptimaliseerd.
Balmatt in Mol: investeren in gezondheid en moderne economie
"De Balmattsite in Mol was geen gemakkelijk dossier", zegt Hans Schoofs, eerste schepen van Mol. "Dit verlaten bedrijfsterrein is immers verontreinigd met asbest, tolueen en andere solventen en vormt een gezondheidsrisico voor de omgeving."
"Heel wat bedrijven zijn in Mol op zoek naar uitbreidingsmogelijkheden, maar de saneringskosten lopen op tot 10 miljoen euro. Daardoor is een zuiver private ontwikkeling niet realistisch en bleef het dossier aanslepen."
"De verschillende overheden en de private sector sloegen de handen in elkaar. De Europese overheid en de Vlaamse overheid deden een flinke duit in het zakje en de ondernemers zorgden voor een realistisch en marktconform herbestemmingsplan. Hierdoor kan nog dit jaar werk gemaakt worden van de sanering en ontwikkeling van Balmatt."
Nieuwe jobs
"De oriënterende en beschrijvende bodemonderzoeken zijn reeds in opmaak en een aantal vitale en moderne bedrijven met uitbreidingsplannen staan te popelen zich op de Balmattsite te kunnen ontplooien. De regio Mol-Balen-Dessel kampt met een lage tewerkstelling en kan deze nieuwe jobs goed gebruiken. Dat we daar geen nieuwe terreinen voor moeten aansnijden en tegelijkertijd de volksgezondheid bevorderen is natuurlijk schitterend", besluit Hans Schoofs.
Sabine Van Dooren

