Goele Gross en Nansie De Weyer houden Antwerpse eer hoog in olympische zomersport

Beachvolleybal: spektakel in het zand

Als de zon begint te schijnen, trekken de mensen naar het strand. Sommigen om te bruinen, anderen om in het zand hun lievelingssport te gaan beoefenen. Wijzers geraakte aan de praat met twee rasechte Antwerpse dames die de Antwerpse kleuren (Goele Gross woont in Deurne en Nansie De Weyer in Nijlen) met hart en ziel verdedigen door wekenlang in het zand te bijten. Het duo Gross-De Weyer, zoals ze bekend staan in volleybalkringen, wijdde ons in, in de spectaculaire wereld van het Belgische beachvolleybal.

Tijdens het weekend van 15-16 mei ging het Nivea Sun Belgian Beachvolley Championship van start in Gent. Jullie waren erbij, hoe was het?

GOELE GROSS: "Eigenlijk hebben we daar geen goede start genomen. Maar we zijn dat gewoon, we spelen al vijf jaar samen en onze eerste wedstrijd is altijd al één van de slechtere geweest. Maar nu kunnen we trainen tot aan het volgende tornooi, 18 en 19 juni in Ieper. Tegen dan zijn we het slechte resultaat van Gent allang vergeten en gaan we er weer met frisse moed tegenaan. Er volgen nog zes tornooien, dus we hebben nog kans genoeg om ons te herpakken."

Drie weken trainen, hoe moeten we dat interpreteren?

GOELE: "Elke week trainen we twee keer. We spelen dan wedstrijden tegen andere ploegen, zowel dames- als herenploegen. Een echte trainer hebben we niet. Bij zaalvolleybal is er steeds een trainer en eventueel een hulptrainer, bij beachvolley komt dit pas de laatste jaren stilaan op. We hebben natuurlijk het nadeel dat we ook nog onze dagelijkse kost moeten verdienen en dus niet, zoals de échte profvolleybalsters elke dag met beachvolleybal kunnen bezig zijn. Zij hebben de tijd om nog aan extra krachttraining en loopoefeningen te doen, dit is voor ons echter niet mogelijk omwille van onze job."

NANSIE DE WEYER: "Ik heb me ondertussen ook wel toegespitst op een nieuwe sport, triatlon, waarvoor ik ook tweemaal per week ga lopen. Dit omwille van het feit dat ik niet meer aan zaalvolleybal doe. Het verbeteren van mijn conditie is uiteraard ook mooi meegenomen in het zand."

Wat zijn de verschillen tussen zaal- en beachvolleybal?

NANSIE: "Bij beachvolleybal ben je maar op twee personen aangewezen: jezelf en je partner. Je bent ook bij elke actie betrokken, wat in de zaal niet zo is. Daar kan het gemakkelijk voorkomen dat je een hele spelfase lang geen bal raakt. Ieder heeft er als het ware zijn/haar specialiteit. In het zand moet je van alle markten thuis zijn. Beachvolleybal is dan ook fysiek een veel zwaardere sport, mede door het feit dat je in het zand speelt, wat de bewegingsvrijheid ook serieus inperkt."

GOELE: "Beachvolley vereist ook meer techniek en de arbitrage is veel strikter. Acties zoals droppen (met enkel en alleen de vingers de bal over het net spelen) zijn niet toegestaan. En als je de bal over het net toetst, moet dit ook in de schouderlijn gebeuren. Dus dan is de technische slag één van je belangrijkste wapens."

NANSIE: "En dan zijn er uiteraard nog de verschillende afmetingen van het veld. In de zaal zijn die 9 bij 9 meter. Vroeger was dit ook bij beachvolley het geval. De jongste jaren is de speelruimte iets kleiner geworden, namelijk 8 bij 8 meter. En ook de puntentelling verschilt. In de zaal speelt men tot 25 punten met twee punten verschil, behalve de laatste set die tot 15 punten gaat. Bij beachvolley spelen we sets tot 21 punten, met drie punten verschil."

Wat zijn jullie eigen plus- en minpunten?

GOELE: "Wij zijn misschien niet de sterkste ploeg uit het circuit qua aanval, maar onze verdediging is wel vrij sterk. Dat horen we ook aan de reacties van de andere ploegen tijdens de wedstrijd. 'Goh, hebben ze die bal nu toch kunnen pakken?'."

NANSIE: "Het is zeker niet zo dat de twee beste speelsters samen ook de beste ploeg vormen. Het moet klikken op een veld en dat lukt niet als er twee individuen op het veld staan. Wij kennen elkaar goed, weten wat de ander kan en niet kan, weten hoe de andere speelster gaat reageren, en dat maakt ons sterk."

GOELE: "Wat misschien wél een minpunt is, is het feit dat we onszelf vaak onderschatten. En dat we te braaf zijn voor elkaar. 'Het is niet erg' zeggen we vaak, misschien moeten we iets meer haar op onze tanden krijgen en meer vechten."

Uiteraard zal aan dit alles ook wel een prijskaartje hangen. Hoe zit het financiële van de sport in elkaar?

NANSIE: "Geen simpele zaak, want als je alle tornooien wil meedoen kan dit algauw oplopen tot 250 euro (30 euro per tornooi) Dit schrikt jonge speelsters af om zich in te schrijven. Wij proberen er dan ook elk jaar voor te zorgen, dat dit via sponsoring betaald wordt. Onze kleding wordt gelukkig al enkele jaren gesponsord door Speedo.We houden ook elk jaar een stage in het buitenland, dit jaar in Tenerife, wat kosten meebrengt. Hiervoor organiseren we jaarlijks een fuif in Kessel waarmee we alle andere onkosten financieren."

En wat valt er te winnen? Waarschijnlijk geen miljoenen zoals bij voetbal?

NANSIE: "Nee, inderdaad niet. Het prijzengeld voor de winnaars is 800 euro bij een grand slam tornooi, 1.000 euro bij winst van een super grand slam en nog iets meer op het Masters Tornooi in Knokke. Hogere bedragen kom je niet tegen in het Belgische beachwereldje."

GOELE: "Sinds kort heeft Jacky Kempenaers de eerste beachvolleybalclub uit de grond gestampt, in de hoop zo enige vorm van subsidies voor de sport te kunnen verkrijgen. Ondanks het feit dat wij, denk ik, het enige damesteam zijn dat aangesloten is bij deze club, telt ze leden genoeg. Beachvolley leeft dus wel in het Antwerpse en omstreken."

NANSIE: "Uiteindelijk is het ook een vrij klein wereldje. Je komt telkens dezelfde mensen tegen op de tornooien, waardoor de vriendschapsbanden elk jaar aangehaald worden. Na het laatste tornooi, de finale van de beker in Knokke, wordt steeds een feestje georganiseerd op het strand. Niet veel poeha, maar gewoon gezellig."

Mieke Van Aerde